Over deze plant
Kamperfoelie Lonicera
Kamperfoelies (Lonicera) vormen een groot geslacht van zo'n 180 tot 200 soorten uit het hele noordelijk halfrond. Het omvat slingerende klimplanten met buisvormige, vaak sterk geurende bloemen, maar ook struikvormige heesters, bladverliezend of groenblijvend, die dienen als haag, bodembedekker, winterbloeier of bessenstruik.
Lonicera nitida
De struikkamperfoelie (Lonicera nitida) is een dichte, groenblijvende struik uit Zuidwest-China met boogvormige twijgen en piepkleine, glanzende, ronde blaadjes, de kleinste van het geslacht. De kleine roomkleurige bloemen in april en mei vallen nauwelijks op en worden soms gevolgd door paarse bessen. Hij groeit snel en verdraagt scheren uitstekend.
Standplaats en bodem
Zon of halfschaduw in een diepe, frisse maar goed doorlatende grond, ook kalkrijke. Verdraagt eenmaal ingeworteld wat droogte en is winterhard in de meeste Belgische winters; bij zeer strenge vorst kan het blad lijden, maar het loopt opnieuw uit.
Snoei en onderhoud
Omdat hij snel groeit, scheert u twee à drie keer per jaar, in april-mei en opnieuw in september-oktober, voor een compacte, dichte vorm. Een oude, kale haag kan in het voorjaar stevig teruggesnoeid worden.
Gebruik in de tuin
Een veelzijdig alternatief voor buxus: lage en middelhoge hagen, borders, vormsnoei en een groenblijvende achtergrond. Ook bruikbaar in potten en gemengde borders.
Plantkenmerken
Blad
| Groenblijvend | nee |
| Kleur (blad) | groen |
Groeiwijze
| Hoogte | 100 cm |
Standplaats
| Winterhardheid | -20 °C |
| Bodemtype | kalkrijk, zuur, neutraal |
| Standplaats | zon, halfschaduw |
| Bodemvochtigheid | droog, normaal |
Gebruik
| Type (gebruik) | sierstruik, haagplant, solitair, bodembedekker |
Verzorging
| Snoei | april, mei, september, oktober |


