Overslaan naar inhoud

Leucothoe axillaris TWISTING RED (PBR) cont. 3,6L 25/+ cm +f

Druifheide

Pot

cont. 3,6L

Omschrijving

25/+ cm +f

Barcode

5404008225826

Per legger/per CC

21/4

  • Potmaat
  • Hoogte
  • Groenblijvend
  • Winterhardheid
  • Bloeiperiode
  • Kleur (bloem)
  • Bodemtype
  • Type (gebruik)
  • Snoei
  • Standplaats
  • Nieuw

Over deze plant

Druifheide Leucothoe

Druifheide (Leucothoe) is een geslacht van heesters uit de heidefamilie, afkomstig uit vochtige bossen in het oosten van Noord-Amerika en Oost-Azië. De soorten in onze tuinen zijn meestal groenblijvend, met leerachtig, glanzend blad dat met de seizoenen van kleur verandert. In de lente verschijnen slanke trossen kleine, licht geurende witte klokjes, zoals bij de verwante Pieris.

Leucothoe axillaris

Leucothoe axillaris komt uit de kustvlakten van het zuidoosten van de Verenigde Staten. Ze vormt een lage, breed uitgroeiende, traag groeiende struik tot ongeveer 1 m. Het blad is dik en glanzend donkergroen, vaak kleiner en meer gekruld dan bij andere soorten, en kleurt in de winter paarsbrons. In mei verschijnen licht geurende witte bloemen in de bladoksels.

Standplaats en bodem

Plant in halfschaduw, in een zure, humusrijke grond die gelijkmatig vochtig blijft maar goed draineert. Een zonnigere plek kan alleen als de grond nooit uitdroogt. Deze soort verdraagt geen droogte en geen wind, dus kies een beschutte plaats. Ze is winterhard in de meeste Belgische tuinen; een mulchlaag over de wortels geeft in de winter extra bescherming.

Snoei en onderhoud

Geef royaal water in droge periodes en mulch om de wortels koel te houden. Snoeien is niet nodig. Zo nodig maak je de plant tussen februari en april, vóór de nieuwe groei, netjes door dood hout en storende takken te verwijderen. Snoei niet vroeger in de winter, want verse snoeiwonden kunnen bevriezen. Bij weinig luchtcirculatie kan bladvlekkenziekte optreden.

Gebruik in de tuin

Door haar lage, brede groei is deze soort een goede keuze voor de voorkant van schaduwborders, koele rotstuinen en hellingen. Ze leent zich ook als onderbeplanting onder hogere zuurminnende heesters, langs een gevel aan de schaduwkant en in potten op een terras of balkon met weinig zon.

Plantkenmerken

Bloei

Bloeiperiode april, mei
Kleur (bloem) wit

Blad

Groenblijvend ja

Groeiwijze

Hoogte 50 cm, 100 cm

Standplaats

Winterhardheid -20 °C
Bodemtype zuur
Standplaats zon, halfschaduw

Gebruik

Type (gebruik) sierstruik, bodembedekker, in groep, terrasplant

Verzorging

Snoei februari, maart, april